Tagged with " Juan Fernandez"

Isla Robinson Crusoe

mei 18, 2012 by     No Comments    Posted under: Plaatsen

Isla Juan Fernandez

Robinson Crusoe Island is een van de drie eilanden in de Juan Fernandez archipel, 670 kilometer uit de kust van het vasteland van Chili en 3000 kilometer van Paaseiland in de andere richting. De eilandengroep werd ontdekt door Juan Fernandez in 1574. Het eiland, (voorheen Mas a tierra) is bekend geworden door het waargebeurde verhaal van Alexander Selkirk, een Schotse zeeman die op het eiland werd achtergelaten in 1704 tijdens een reis naar Zuid- America omdat hij het oneens was met de kapitein over het onderhoud van het schip,  de Cinque Ports. Hij werd beschuldigd van  het aanzetten tot muiterij en op het eiland gezet met een bijbel, een mes, een pond kruit, wat tabak en kleren. Na vier jaar en vier maanden van absolute eenzaamheid werd hij gered in 1709. Daniel Defoe werd geïnspireerd door het verhaal van Selkirk’s overleven en liet het boek dat hij erover schreef afspelen in het Caribisch gebied, met zijn hoofdrolspeler Robinson Crusoe, die 28 jaren overleefde op zijn gevangeniseiland. De Chileense regering veranderde de naam van het eiland in 1966 van Masatierra naar Robinson Crusoe Island in de hoop op meer toeristen. Iets wat, mede doordat het een toch wel kostbare trip is, nog niet tot grote stromen mensen geleid heeft.

Het is niet zomaar een bestemming. De reis begint in een klein 8-persoons vliegtuigje dat 2 uur later zeer vakkundig door de piloot op de korte landingsstrip wordt neergezet. Een wandeling van 10 minuten brengt ons naar de baai, Bahia del Padre,  waar een in mijn ogen kleine boot ligt. We krijgen zwemvesten om en varen in ruim een uur om het eiland heen naar het dorpje San Juan Bautista (Johannes de Doper). Een andere optie om in het dorp te komen is een ruim 5 uur durende wandeling over de rug van het eiland, maar dat bewaren wij voor de terugweg.

In het dorp valt allereerst op dat de tsunami van 2010 hier behoorlijk huisgehouden heeft maar dat de wederopbouw ook voortvarend ter hand genomen is. San Juan Bautista ligt in een besloten baai en de vloedgolf heeft de eerste 200 meter ‘schoon’ geveegd. Hoger op de helling staan nu uniforme nieuwe huizen met licht ontsierende rasterwerk tegen de erosie. Verder valt op hoe ongerept (in de zin van géén toerisme) het dorp is. Hier wonen zo’n 600 personen in grote eenvoud, met als voornaamste inkomstenbron de vangst van o.a. ‘langostas’. Er zijn slechts een paar kleine winkeltjes met het hoognodige voor de bevolking.

Wij gingen vooral naar Robinson Crusoe Island om te wandelen, maar ook duiken (niet gedaan) en snorkelen (was erg mooi!) is mogelijk.

Elke wandelingheeft wel een stijging van minimaal 300-400 meter en brengt je op prachtige uitzichtpunten met vaak steile kliffen. Verder is er de Picaflor roja veelvuldig te zien, een alleen daar voorkomende rode kolibrie. Er was nu (september) nog maar één restaurant (tevens eenvoudig hostal, gerund door Julia), dat ook even gebeld moest worden dat wij kwamen. Dan is er een hotel Rufigio Nautico, dat bezig was met de laatste herbouw van kamers en de iets buiten het dorp gelegen Robinson Crusoe Lodge (onderdeel van NOY-hotels).

Verslag geschreven door: Berber